Lazzarella

Kleine dondersteen die je bent, je denkt helemaal niet aan mij. Je lacht om me te laten beseffen dat ik mijn tijd verdoe je achterna te zitten.

Lazzarella is een Italiaans liedje. De tekst is het Napolitaans, in het lokale dialect van Napels. Lazzarella betekent ondeugend type, kleine dondersteen, in dit geval een brutaal, aantrekkelijk meisje dat niet toegeeft aan de complimenten van de zanger, die haar maar al te graag op schoot zou willen hebben. Helaas voor hem krijgt Lazzarella een vriendje. In de liefde moet ze eerst nog een beetje groeien, maar daarna is ze klaar is om te trouwen in de Gesù-kerk.

Lazzarella werd gecomponeerd door Domenico Modugno en Riccardo Pazzaglia. Het lied, met een optreden van Aurelio Fierro, werd tweede tijdens de 5e editie van het festival van Napels. Het kreeg ook meteen een commercieel succes, met een piek op de 2e plaats in de Italiaanse hitparade. Later werd het lied gecoverd door verschillende artiesten, waaronder dezelfde Modugno, Aldo Conti, Dalida, Renato Carosone en deze versie van de Finse zangeres Laila Kinnunen. Het lied inspireerde ook een komische film met dezelfde naam, geregisseerd door Carlo Ludovico Bragaglia en met in de hoofdrol Alessandra Panaro en Terence Hill (die van de spaghettiwesterns met Bud Spencer). Bron: https://en.wikipedia.org/wiki/Lazzarella

Aurelio Fierro, Lazzarella, 1957

Lazzarella

C’ ’e libbre sott’o braccio
e a camicetta a fiore blu,
vuò fà a signurinella
’nnanze a scola pure tu;
te piglie ’a sigaretta
quann’e accatte pe papà,
te miette già o russetto
comme vire fa a mammà,
Lazzare’…

Ma, lazzarella comme sì,
a me me piace sempe ’e cchiù,
e vengo apposta pe t’o dì
vicino a scola r’o Gesù.
Tu invece m’arrispunne «eh, già,
i’ deve retta propi’a tte…
pe me l’amore pò aspettà,
che n’aggia fà?, nun fa pe me.»

Ah, lazzarella, ventata ’e primmavera,
quanno passe tutt’e matine
già te spiecchie dint’e vetrine,
solo nu cumplimento te fa avvampà.
Ma, lazzarella comme sì,
tu nun me pienze proprio a me,
e rire pe m’o fà capì
ca perdo o tiempo appriesso a te.

Mò vene uno studente
’nnanze a scola r’o Gesù.
Te va sempe cchiù stretta
’a camicetta a fiore blu.
Te piglie quattro schiaffe
tutt’e volte ca papà
te trova nu biglietto
ca te scrive chillo là.
Lazzare’…

E, lazzarella comme sì,
ce sì caduta pure tu:
l’amore nun te fa mangià,
te fa suffrì, te fa pensà.
’Na sera tu le rice ‟no”,
’na sera tu le rice ‟ma”,
ma si nu vaso te vò dà
fai segno ’e sì senza parlà.

Ah, lazzarella, o tiempo comme vola;
mò te truovo tutt’e matine
chieno ’e lacrime stu cuscino,
manco ’na cumpagnella te pò aiutà.
E chiano chiano mò, accussì,
te sì cagnata pure tu,
e te prepari a dì stu sì,
ma dint’a chiesa d’o Gesù.
E chiano chiano mò, accussì,
te sì cagnata pure tu,
e te prepari a dì stu sì,
ma dint’a chiesa d’o Gesù.

Lazzarella (Kleine dondersteen)

Met je boeken onder je arm
en je blauw gebloemde blouse,
wil je op het schoolplein
de kleine diva spelen;
Je pikt een sigaret
als je voor je vader een pakje koopt,
je verft je lippen al rood
zoals je je moeder ziet doen,
jij kleine boef…

Jij kleine dondersteen,
ik mag je meer en meer,
en ik kom naar de Jesù-school toe
om je dat te zeggen.
Jij daarentegen antwoordt: «Ja vast,
en ik moet zeker doen wat je zegt? …
wat mij betreft kan de liefde wachten,
wat moet ik ermee, het hoort niet bij mij.»

Oh, kleine deugniet, lentebries,
elke morgen als je langsloopt
spiegel je je in de etalage,
elk complimentje laat je blozen.
Toch kleine bandiet die je bent,
denk je helemaal niet aan mij,
en je lacht om me te laten beseffen
dat ik mijn tijd verdoe je achterna te zitten.

Nu komt een student
op het schoolplein van de Jesù-school.
De blauw gebloemde blouse
past je strakker en strakker.
Je krijgt klappen
elke keer als je vader
een liefdesbriefje vindt
dat die jongen je schreef.
Kleine dondersteen…

En, kleine deugniet die je bent,
nu ben je er ook voor gevallen:
de liefde maakt dat je niet meer eet,
laat je lijden, laat je piekeren.
De ene avond zeg je hem “nee”,
de andere avond zeg je hem “misschien”,
maar als hij je wil kussen
schud je zonder te praten “nee”.

Oh, jij kleine dondersteen, de tijd vliegt;
nu vind je elke ochtend
je kussen doorweekt van tranen;
zelfs een vriendin kan je niet helpen.
En nu, zo, beetje bij beetje,
ben jij ook veranderd,
en je bent klaar om te zeggen: “Ja, ik wil”;
maar alleen in de Jesù-kerk.
En nu, zo, beetje bij beetje,
ben jij ook veranderd,
en je bent klaar om te zeggen: “Ja, ik wil”;
maar alleen in de Jesù-kerk.

Bronnen
https://lyricstranslate.com/nl/lazzarella-little-rascal.html
https://en.wikipedia.org/wiki/Lazzarella

Nummer 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *