No me pregunten por qué

Mijn bestaan tuimelt in de afgrond en daarom grijp ik naar de drank.

No me pregunten por qué is een dramatisch lied vol liefdesverdriet gedrenkt in alcohol. Bij de opening van de tekst strompelt de tekstzanger het café binnen, zijn haar in de war, stropdas los. Hij is dronken en praat in zichzelf. Oorzaak van dit alles: een paar goddelijke ogen (unos ojos divinos) waar hij tot aan gisteren in geloofde, maar die recentelijk zijn bestaan in de afgrond hebben doen tuimelen. Erover praten, dat wil hij niet. No me pregunten por qué, zegt hij tegen zijn vrienden: “Vraag me niet waarom”.

Orquesta Francisco Canaro canta Ernesto Famá, No me pregunten por qué, 1939

No me pregunten por qué

¡Muchachos!…
Si cualquiera de estas noches
me ven llegar al café,
tambaleando medio “colo”
babeando y hablando solo,
¡no me pregunten por qué!

Borracho…
Con la melena revuelta,
la corbata floja y suelta
y con rencor al mirar,
no me pregunten, muchachos,
por qué he venido borracho
y de mi tengan piedad.

En la luz de unos ojos divinos
se embriagaban mi alma y mi fe
y en la copa de miel de sus labios
hasta ayer de pasión me embriagué.
Hoy que vivo de nuevo en tinieblas
añorando la luz de su amor,
necesito hundir mi existencia
y es por eso que busco el alcohol.

¡Muchachos!…
Si cualquiera de estas noches
me ven llegar al café
tambaleando medio “colo”
babeando y hablando solo
¡no me pregunten por qué!

Borracho…
Refugiado en el alivio
del brebaje dulce y tibio
que nos prodiga el licor.
tal vez me olvide de aquella
que hasta ayer fuera mi estrella
y hoy me mata de dolor.

Vraag me niet waarom

Jongens…
Als jullie een van deze avonden
mij het café zien binnenkomen,
strompelend als een gek
kwijlend en pratend in mezelf,
vraag me dan niet waarom!

Dronken…
Het haar in de war,
stropdas slap en los
en met een wrokkige blik,
vraag me niet, jongens,
waarom ik mij bezat heb,
heb medelijden met mij.

Het licht van een paar goddelijke ogen
bedwelmde mijn ziel en mijn geloof
en door de zoete honingkom van haar lippen
was ik tot aan gisteren bedwelmd.
Vandaag leef ik weer in duisternis
verlangend naar het licht van haar liefde,
mijn bestaan tuimelt in de afgrond
en daarom grijp ik naar de drank.

Jongens…
Als jullie een van deze avonden
mij het café zien binnenkomen,
strompelend als een gek
kwijlend en pratend in mezelf,
vraag me dan niet waarom!

Dronken…
Vluchtend in de verdoving
die de sterke drank ons biedt,
dat zoete en warme brouwsel.
Misschien kan ik haar vergeten
die tot aan gisteren mijn ster was
en die mij heden wurgt van verdriet.

Bronnen
https://letrasdetango.wordpress.com/2010/09/19/418/
Joep à Campo, Tango, Lied van Buenos Aires, Artscape | Artevista, 2013

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *