Pobre flor

Wat ooit mijn eerste illusie was, is nu eenzaam graf van mijn laatste liefde.

Pobre flor, arme bloem. De arme bloem is geen persoon, maar een idee: de illusie van een liefde die niet mocht zijn. Geen vrolijk walsje dus, ondanks de vrolijke driekwartsmaat is het alleen maar kommer en kwel. De tekst verhaalt van aanvankelijke, in vervoering gegeven kussen, maar daarna gaat het bergafwaarts. Er is een mond die gif en vloeken spuwt, er is de scherpe dolk van een wisselvallig humeur. De zanger dezes blijft gebroken achter: zijn illusie is door winterkou vermoord. Hij begraaft zijn droom en voelt, hoe dramatisch, over zijn ziel een lijkwade.

Volledige vertaling
Nummer 

Fausto Carpino & Stéphanie Fesneau – Pobre Flor

Fausto Carpino en Stéphanie Fesneau interpreteren Pobre Flor. Mooi soepel  gedanst met veel energie. Creatief wordt de dwingende maat van de wals gevolgd, ook in de langzame stukken. Dit nummer duurt 2 minuten en 55 seconden, maar het lijkt wel twee keer zo lang. Fausto is van Siciliaanse afkomst, Stépanie is Française. Beiden dansen sedert hun zestiende levensjaar tango en sinds 2011 dansen ze samen. Regelmatig geven ze workshops in Amersfoort (maar niet in corona-tijd). De muziek die speelt is van het orkest van Alfredo De Angelis, de stemmen zijn van Carlos Dante en Julio Martel.

Nummer 

Que nadie sepa mi sufrir

Het vuur van je mooie zwarte ogen verlichtte het pad van een andere liefde.

Dit lied is een dynamische, opzwepende wals. Het onderwerp is wederom liefdesverdriet. De tekstzanger is oprecht verliefd. De geliefde was dat blijkbaar niet, want die is alras vertrokken naar een ander. Teleurgesteld als hij is, houdt hij zijn verdriet het liefst verborgen. De laatste regel luidt: “Niemand hoeft van mijn lijden te weten” ofwel: “Que nadrie sepa mi sufrir“. Zoals veel tangoteksten heeft dit lied (met een paar kleine tekstaanpassingen) ook een vrouwelijke versie, waarin de hoofdpersoon een vrouw is en de geliefde een man. Want liefde is a priori symmetrisch, en liefdesverdriet dus ook.

Dit nummer heeft een flinke historie. Van oorsprong is het een Argentijns lied, of beter, een Peruaans walsje. Het dateert uit 1936, maar bleef in de anonimiteit tot Edith Piaf het hoorde tijdens een Zuid-Amerikaanse tournee. Ze liet een andere tekst schrijven en nam het op in haar repertoire onder de titel La foule. De Franstalige tekst gaat over een vrouw die tijdens een dansfeest door de massa (la foule) in de armen van een man gedrukt wordt, met hem wegdanst en daarna door diezelfde massa uit zijn armen getrokken wordt. Niet veel later werd het lied in de Spaantalige wereld bekend onder de titel Amor de mis amores, met uitvoeringen van onder andere Julio Iglesias, Los Lobos en René Froger. Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Que_nadie_sepa_mi_sufrir

Volledige vertaling