Saca chispas

Het leven is maar kort als je niet verliefd bent.

Saca chispas of Sacachispas is de naam van een pittige milonga. Beide spellingen komen voor, met en zonder spatie. Sacachispas is ook de naam van een voetbalclub uit Buenos Aires, spelend in de derde, hoofdstedelijke divisie van de Argentijnse competie. Letterlijk betekent Saca chispas zoiets als “schiet vonken”. De uitdrukking is afkomstig van de opkomst van het openbaarvervoernetwerk, de trams die de buitenwijken met het centrum van Buenos Aires verbonden. Als zo’n tram hard door de bocht ging, regende het vonken. Figuurlijk betekent saca chispas zoveel als “vlammen” of “gaan als een speer” (vandaar die clubnaam). In de tekst van deze milonga is de bedoeling dat de vonken overschieten naar het hart. Het lied is een aanmoeding (aan een dame) om de liefde toe te laten. Zonder de vonken van een verliefdheid is het leven maar saai, zo luidt de moraal van deze korte tekst (slechts acht regels).

Deze milonga is een compositie van Julio de Caro, een beroemde tangovernieuwer uit de jaren twintig. In de salon wordt hij maar weinig gedraaid en dat is omdat De Caro de tangorevolutie van eind jaren dertig (die van D’Arienzo) gemist heeft. Maar tangomuziek heeft meerdere revoluties gekend. Zo bedacht Carlos Gardel de tango canción, de gezongen tango. De vernieuwing van de klassiek opgeleide musicus De Caro betrof de instrumentale muziek. Julio de Caro startte in 1924 zijn sexteto típico (piano, contrabas, twee bandoneons en twee violen) dat nog steeds model staat voor een modern tango-orkest: ritmisch en polyfoon. Alle instrumenten speelden zowel ritme als melodie. Tango’s werden complexe, ingewikkelde composities, een soort jazztango. Hij introduceerde ook viooltechnieken zoals pizzicato, tokkelen en chinchada, een soort schrapend geluid dat aan de hals van de viool wordt gemaakt. Decarisme (de school van De Caro) beïnvloedde een groot aantal orkesten, met name die van Pedro Laurenz en Osvaldo Pugliese.

Elf december is de geboortedag van Julio de Caro (1899-1980). Ook Carlos Gardel werd op die dag geboren, zij het negen jaar eerder. Ter ere van hun verdiensten werd in 1977 de elfde december officieel tot Nationale Dag van de Tango verklaard. Op die dag in 1977 kreeg De Caro, 78 jaar oud, een staande ovatie in het Luna Park-stadion in Buenos Aires. Aan de feestelijkheid werd meegewerkt de orkesten en zangers van die tijd en vijftienduizend mensen zongen voor hem het feliz cumpleaños. Het was de laatste keer dat hij op het podium stond. Bron: https://es.wikipedia.org/wiki/Julio_de_Caro

Volledige vertaling
Nummer 

Carlos Gardel – Rosas de Otoño

Carlos Gardel zingt in wat mogelijk de eerste videoclip is uit de geschiedenis van de mensheid. Deze scene komt uit de korte muziekfilm Rosas de otoño (1931), Gardel zingt het gelijknamige lied. De dialoog aan het begin is te vinden op de Spaantalige Wikipedia-site van de film. De man die Gardel aanspreekt is de fameuze orkestleider Francisco Canaro.

-Canaro: Hallo Carlos, hoe gaat het?
-Gardel: Zoals altijd, vriend, gaan we door met het verdedigen van onze taal, onze gebruiken en onze liederen met behulp van de Argentijnse geluidsfilm.
-Canaro: Van mijn kant zal ik je begeleiden met mijn orkest en ik zal het onmogelijke doen zodat onze liederen blijven zegevieren over de hele wereld.
-Gardel: Oké, kameraad, pakken we de strijd op?
-Canaro: Laten we beginnen, laat de bel rinkelen.
-Gardel: Ok, aan de slag!

PS. De dialoog bevat nogal wat moeilijk te vertalen idioom. Aan het eind zegt Gardel: Listo el pollo, nomás! Letterlijk betekent dat “Geen gemaar, de kip is klaar.”

Nummer